Feed on
Berichten
Reacties

… dat ik het getuigschrift van mijn aggregaatsopleiding in de bus gekregen heb? Ik ben dus nu gediplomeerd schooljuf, met zelfs een 16 voor mijn stage. Mijn pa is oh zo fier op mij en ik ben fier op het feit dat ik het diploma heb gehaald terwijl ik alleen woonde en werkte. *applausje voor mezelf*

Gisteren heb ik tijdens het zappen het laatste deel van The Wedding Planner meegepikt. Ik had de film vroeger al wel ‘ns gezien, maar door omstandigheden (tegen acht uur zou er iemand van AXA langskomen om over belastingen en verzekeringen te spreken, maar hij belde om kwart voor acht dat hij in de file stond en pas woensdagavond zou langskomen) had ik ineens een vrije avond en niks ingepland, dus ik was tot zappen gedoemd. Na een paar kwissen en Top Gear (dat blijft toch echt hilarisch he!) uiteindelijk dus bij VT4 beland. Ik heb ‘The Wedding Planner’ nooit echt goed gevonden, omdat hij toch wel heel voorspelbaar is, maar gisteren was er één moment waarvan ik toch wel echt genoten heb. ***MOGELIJKE SPOILER!*** Op het moment dat die dokter en die Fran beslissen om niet te trouwen, vraagt zij zich af wat ze dan moeten doen. En hij zegt dan iets in de aard van: “dat is net het leuke, we kunnen doen wat we willen.” Hoe fantastisch is dat? Alleen zijn heeft echt wel zijn voordelen!

Het is gelukt!

Jawel, het is me gelukt! Ik ben erin geslaagd om de vroege trein te halen. Nu is ‘vroeg’ relatief, de trein vertrekt om twintig over zeven (op dat moment zijn er collega’s van mij effectief al aan het werk), maar voor mij is dat echt wel een topprestatie. Ik heb mij nog erg moeten haasten en Basil heeft het zonder zijn ochtendwandelingetje moeten stellen, maar ik was effectief op tijd aan het station en dus ook op tijd op het werk. Waardoor ik straks op tijd kan doorgaan. Waardoor ik vanavond op tijd op de manège kan zijn zodat ik met een nieuwe pony kan gaan rijden. ‘t Is eigenlijk een gedeelde pony, maar het meisje dat goed kan rijden, is met vakantie. En nu moet ik de pony eerst een half uurtje rijden, voor het beginnende ruitertje erop gaat. Ik ken het beestje niet, maar we zullen wel zien. Dat moet in principe wel lukken. Gelukkig dat ik was toen mijn lesgever mij gisteren belde om te vragen of ik dat wilde doen! Ze denken nog altijd dat ik het kan, en da’s fijn.

Marc Chagall

Het Google-embleempje ziet er vandaag erg ‘Marc Chagall’ uit. Een klik erop leert mij dat de kunstenaar vandaag jarig was geweest, mocht hij nog geleefd hebben. Ik heb altijd erg van het werk van Chagall gehouden. Later als ik groot ben, wil ik wel iets van hemin mijn living hebben. Een echt werk is onbetaalbaar natuurlijk, maar naar’t schijnt duiken er ook af en toe enigszins betaalbare zeefdrukken op… Ik hou alvast de veilingsites in de gaten!

Ik heb nooit echt goed begrepen wat mensen bedoelen als ze zeggen dat ze hun “batterijen hebben opgeladen”. Nooit, tot nu. Dit weekend had ik vrijaf. Een hele vrijdagmiddag, zaterdag en zondag moest ik niet werken. Ik weet niet precies hóe lang dat al geleden is, maar dat het érg lang is, daarover bestaat geen twijfel.

Zo’n vrij weekend betekende voor mij op zaterdag tot tien uur in bed liggen (*juicht*), quality time met Basil en halfweg de namiddag naar Antwerpen rijden. Ik had daar afgesproken met een vriendin. We zijn eerst gaan winkelen, dan is er nog een andere vriendin langsgekomen en zijn we ’s avonds iets gaan eten en daarna nog iets gaan drinken. We wilden eigenlijk ook gaan dansen maar de stad leek doods. Er was overal wel volk, maar weinig (opdringerige groepen vrijgezellenavond niet meegeteld) en dansen deden de cafégangers ook al niet. Uiteindelijk is het toch nog relatief laat geworden. Toen ik ging slapen, kleurde de lucht al heel zachtjes indigo, de kleur die ze heeft net voor ze rozig wordt door de opgaande zon.

Zondag werd ik net voor de middag wakker. Basil was zo goed geweest mij te laten slapen (’t is zo’n schatje) en dus kon ik helemaal uitgeslapen naar de markt… om daarna onder een dekentje op de zetel te gaan liggen en naar de Tour te kijken. Om daarna anderhalf uur in bad te liggen. Om daarna met een vriend naar de bioscoop te gaan en Indiana Jones te zien. De late vertoning. En daarna nog iets gaan drinken. En toen ik om kwart voor twee onder de wol kroop, waren mijn batterijen zo vol, dat ik nog niet meteen in slaap viel. Dus dát bedoelen ze met batterijen opladen.

Vrijdag was ik uitgenodigd op een trouwfuif. Geen gewoon trouwfeest, maar een trouwfuif. Het gelukkige koppel trouwt pas over twee weken, met een grote ceremonie en uitgebreid avondfeest voor de familie… zijnde 200 personen. Daarom hadden ze besloten vooraf al een fuif voor de vrienden te organiseren.

Het concept van een trouwfeest bleef wel behouden. Openingsdans - vermenigvuldigen - een walske voor de oudere generatie - een swingske voor de tussengeneratie - … En hoewel ik nooit echt hoog heb opgelopen met de danscapaciteiten van jongens van mijn leeftijd (en een beetje ouder), vond ik wat ik op dat feest zag ronduit bedroevend. Zelfs een simpel marske (”vermenigvuldigen” riep de DJ naar aloude traditie door de microfoon. “En daar gaan we nog een keer, verwisselen van partner!”) was voor de meesten al te veel gevraagd. Met de armen zwaaien ja, dat wel - zo erg zelfs dat ik mij afvroeg of er geen vrouwen met ontwrichte schouder van de dansvloer zouden komen - maar in de maat bewegen met hun voeten, dat was blijkbaar te moeilijk. Walsen kon niemand (of niemand durfde het demonsteren, maar na de hoeveelheden bier die er al gevloeid waren, lijkt mij dat onwaarschijnlijk). Ik begrijp dat niet. Toen ik elf was en voor het eerst naar een trouwfeest moest, heeft mijn moeder mij leren walsen. ‘De mooie blauwe Donau’ op repeat in de cd-speler en maar draaien rond de keukentafel. Tot ik het kon, tot ik volgde. Hetzelfde met een marske. Stap-stap-stap tot ik niet meer tegenwerkte en mooi de bewegingen van de man (in casu mijn moeder) spiegelde. Omdat het nodig is dat je zoiets kunt, vond mijn moeder. En ik moet haar daarin gelijk geven. Geen Engelse wals, of Weense wals of Kufsteinerwals of wat is er nog allemaal, maar een simpele trouwfeestenwals, is dat nu echt te veel gevraagd? Wat mij betreft mogen ze dat zelfs in de lessen Lichamelijke Opvoeding op school aanleren.

Hotel Rwanda

Eergisteren heb ik op Canvas naar Hotel Rwanda gekeken. Een film die ik eigenlijk al in de bioscoop had willen bekijken, maar dat is er toen niet van gekomen. Deze woensdagavond leek mij een ideale gelegenheid om die gemiste kans in te halen, dus nestelde ik mij onder een dekentje voor tv, drankje bij de hand. Volgens een recensie die ik ergens had gelezen, bleef het wel een echte Hollywood-film, de echt erge gruwel zou de kijker dus niet te zien krijgen.

En ben ik daar blij om. Ik denk dat ik zowat de helft van de film tranen met tuiten geweend heb. Ik ben begonnen bij het moment dat de bus aan het hotel kwam om de blanke gasten te evacuëren en ben eigenlijk pas gestopt met huilen bij het einde van de film dat - het moet gezegd - inderdaad wel een iets te hoog Hollywood-gehalte had. We kregen dan misschien de ergste gruwel niet te zien, maar de impliciete verhaallijn van de inferieure zwarte was voor mij erger dan stapels lijken en bloedstromen. Ik was er even niet goed van. Ik, die altijd na minder dan twee minuten in slaap val, heb gisteravond in bed nog een half uur liggen woelen. Deze film is echt een aanrader. Wie hem nog niet gezien heeft: doe het nu.

Voor mensen die een referentie willen. Deze film is ook voor gevoelige zieltjes nog wel doenbaar. Ik vond hem een pak minder rauw dan bijvoorbeeld “Turtles can fly”, maar dat is in mijn ogen dan ook wel een van de beste films ooit..

Letterlijk en figuurlijk is dat. Nog maar enkele dagen geleden zaten er op de maandagochtendtrein overlevers van Graspop Metal Meeting die druk bezig waren met wakker blijven, vanmorgen werd het perron overspoeld door frisse jongeren met grote rugzakken waaraan van die gigantische ronde schijven gebonden zijn. Naar het schijnt zijn dat tenten, stukken nylon en stokken die je met een handige gooi tot een tent transformeert. Ik vraag mij dan af hoe je die nadien mooi terug opgeplooid krijg, vooral indachtig hoe ik sommige collega’s al met een reflectiescherm zie knoeien, en da’s een pak kleiner!

Anyway, ik dus van de trein. Maar de werchterganges joegen twee dametjes die wilden opstappen blijkbaar zo’n angst aan, dat zij niet konden wachten tot ik was afgestapt, bijgevolg tegen mij botsten, mij een duw gaven en zo toch nog met hun poezelige voetjes het laminaat in de gang van de trein bereikten, voor ik mijn boots op het beton van het perron kon neerplanten. *zucht* In een poging om tot aan de trap te geraken ontstond er dan nog een kleine file omdat de rugzakken en tentschijven de doorgang blokkeerden. Gelukkig waren de Werchtergangers een stuk behulpzamer dan de bimbo’s en begonnen ze meteen hun blokkade op te ruimen. Wat natuurlijk niet erg snel ging, wegens een duidelijk gebrek aan visie, sturing en leiding. Nu ja, je gaat dan ook naar een festival, veel visie is daar niet voor nodig.

Ik moet zelfs toegeven dat ik een heel klein beetje jaloers was. Want zij gingen wel vier dagen kipburgers eten, bier uit plastic bekers drinken, goeie en minder goeie muziek beluisteren en stinken in wat nog niet eens zo’n slecht weer was, terwijl ik een heel weekend niks te doen heb. Een heel weekend vrij. Te beginnen van vrijdagmiddag. Ik heb er geen idee van hoe lang dat al geleden is en ik weet helemaal niet wat te doen. Ik heb nooit een heel weekend vrij, nooit! Ik weet niet hoe ik eraan moet beginnen, het is zo nieuw en onbekend voor mij!

Ach ja, mijn kans komt nog wel. Over anderhalve maand is het Pukkelpop. Reken maar dat ik er dan sta. Inclusief ouderwetse Kruidvat-tent en gillend op de eerste rij bij Michael Franti & Spearhead. Een fijn vooruitzicht.

Ik maakte mij daarstraks de bedenking dat ik mij goed thuis begin te voelen op mijn nieuwe baan. Ik zou nog iets leuks willen meenemenen om mijn bureau op te fleuren, maar omdat ik er tot nader order nog geen idee van het wat, staat er nog niks decoratief. Er liggen al wel veel grote stapels paperassen, die, als ze nog een beetje uitbreiden, de titel van rommel kunnen krijgen. Typically me.

Verder heb ik de bovenste schuif rechts van mij aangewend als hapjesschuif. Na een paar shopbeurten liggen daar nu in: citroenkoekjes, zakjes met minikoekjes met fruit, repen met pruimen en vijgen, repen met appelsien en chocola en een boerencake (vanmorgen gekregen bij de bakker). Verder heb ik ook nog enkele flesjes appelsiensap en limonade en vier soorten thee: rabarber-appel (net uitgeprobeerd en goed bevonden), citrusvruchten, rode vruchten en een soort van vochtafdrijvende kruidenthee (tien keer per dag gaan plassen ahoi). Oh en in de ijskast heb ik verschillende soorten dessertjes opgeslagen. Jaja, ik zal hier nog wel even overleven :-)

Oudere Berichten »